De Giek 31 | 9206 AS Drachten
0512-582058 | [email protected]

De Tweede Kamer heeft vandaag voor de Melkveewet gestemd. Maar het ging niet van een leien dakje; verschillende partijen laakten het gebrek aan inhoud van de wet. “Het is een lege wet, een aanfluiting”, betoogde SP-kamerlid Erik Smaling, en deelde mee dat zijn partij daar niet voor zou stemmen. Ook Gerard Schouw van D66 kondigde aan dat zijn partij zou stemmen tegen deze ‘lege wet’, zoals hij het noemde. Hij gaf daar twee redenen voor: de procedure die staatssecretaris Dijksma heeft gevolgd brengt de kwaliteit van de wetgeving in gevaar en het laat de Eerste Kamer politieke besluiten nemen, waar dat bij de Tweede Kamer moet liggen. Het meest venijnig was misschien wel Carla Dik-Faber, ChristenUnie, die stelde dat melkveehouders de dupe zouden worden van een ruzie binnen de coalitie. Hoewel ze geen zin had om voor de regering de hete kolen uit het vuur te halen stemde haar partij toch maar voor de wet, omdat anders melkveehouders eronder zouden lijden.

Grondgebondenheid
Het ging hier allemaal over grondgebondenheid. Dat element wordt niet vastgelegd in de Melkveewet, maar komt in een aparte Algemene Maatregel van Bestuur (AMVB), en pas nadat de stemming over de wet is geweest. En waar de Tweede Kamer mee beslist over wetten, heeft ze formeel geen zeggenschap over AMVBs. Door de wet goed te keuren stemt de Kamer dus in principe ook in met de grondgebondenheid, zoals die in de AMVB wordt vastgelegd – maar zonder dat ze zich daarover heeft uitgesproken. Maar ondanks de protesten stemde de Kamer toch overtuigend voor een wet die, ondanks de retoriek, niet leeg was; het ging over de verplichting van melkveehouders om hun mest te verwerken. De wet stelt dat melkveehouders die hun bedrijf uitbreiden, volledige verwerkingsplicht krijgen voor die uitbreiding.

Sluitstuk derogatie
Daarmee is deze wet het sluitstuk van de derogatie; die heeft Brussel aan Nederland verleend onder voorwaarde dat de verplichte mestverwerking werd geregeld, en dat doet deze wet. Cees Romijn, voorzitter LTO Melkveehouderij, was dus gematigd positief. “Het is goed dat de derogatie is veiliggesteld”, vertelde hij, “maar jammer dat de boeren nog in onzekerheid moeten blijven totdat de AMVB er is. Romijn was ook teleurgesteld in het feit dat de Kamer niet had ingestemd met moties die grondmobiliteit regelen, zodat kringlopen ook kunnen worden gesloten op grond die niet in eigendom van de melkveehouder is, maar die wel langdurig in gebruik is. Wel was hij tevreden dat de Kamer een motie had aangenomen waardoor bloedverwanten in de tweede en derde graad bij overname van een familiebedrijf ook de referentiewaarden kunnen overnemen, zodat voor hen niet opeens strengere verwerkingsnormen gelden.

Bron: melkvee.nl